Support > Wetenschappelijke toelichting

7. Additievenlijst

7.2. Zoetstoffen

De volgende zoetstoffen zijn toegelaten als ingrediënt in welbepaalde voedingsmiddelen en in welbepaalde concentraties. Ze zijn ook toegelaten als tafelzoetstoffen (zuiver of in mengsels).

  • E 420 : Sorbitol
  • E 421 : Mannitol
  • E 953 : Isomalt
  • E 965 : Maltitol
  • E 966 : Lactitol
  • E 967 : Xylitol
  • E 950 : Acesulfaam K
  • E 951 : Aspartaam
  • E 952 : Cyclaamzuur en de Na- en Ca-zouten daarvan
  • E 954 : Saccharine en de Na-, K- en Ca-zouten daarvan
  • E 955 : Sucralose
  • E 957 : Thaumatine
  • E 959 : Neohesperidine DC
  • E 962: aspartaam-acesulfaamzout

De zoetstoffen worden gescheiden naargelang de voedingsmiddelen en de concentraties waarin ze mogen worden gebruikt. Zo zijn de zoetstoffen uit de eerste groep toegelaten “quantum satis” (overeenkomstig de goede fabricagepraktijken in een gehalte niet hoger dan noodzakelijk is voor een welbepaald doel) in de welbepaalde voedingsmiddelen opgegeven in het Koninklijk Besluit van 17 februari 1997.

De zoetstoffen uit de tweede groep zijn stricter geregeld om de volksgezondheid te vrijwaren.

1. Groep van de polyolen:
Sorbitol, mannitol, isomalt, lactitol, xylitol

Groep 1 heeft ongeveer dezelfde zoetkracht als suiker en levert ook energie namelijk 2,4 kcal/g. Bij een zeer hoge inname kunnen ze laxerend werken. Naast hun gebruik als zoetstof worden ze soms ook gebruikt om de textuur, het mondgevoel van een voedingsmiddel te verbeteren.

2. Groep van kunstmatige zoetmiddelen:
acesulfaam K, aspartaam, cyclaamzuur, saccharine, sucralose, thaumatine, neohesperidine DC en aspartaam-acesulfaamzout

De kunstmatige zoetstoffen hebben een veel grotere zoetkracht dan suiker (bij voorbeeld aspartaam is 200 maal zoeter dan suiker) en leveren geen kcalorieën.

1 suikerklontje levert 20 kcalorieën.
1 tabletje kunstmatig zoetmiddel levert 0,3 kcalorieën.

Beiden hebben echter dezelfde zoetkracht.

> Top